Toekomstvisie Homeopathie
Voorwoord
Een aantal jaren geleden werd ik gegrepen door een uitspraak van Jeroen Morssink. Jeroen vertelde tijdens een college in 2000 dat er een nieuw paradigma aan het ontstaan is. Een paradigma is een collectieve zienswijze die sturing geeft aan onze gedeelde opvattingen, overtuigingen, waarden, criteria, normen en daaruit voortvloeiende handelingen. Deze uitspraak heeft mij zo gegrepen dat ik hier veel mee bezig ben geweest. Ik heb in vele hoeken gezocht naar aanwijzingen naar dit nieuwe paradigma. Vele gesprekken met mijn jongste zoon, die studeert aan de Universiteit voor Humanistiek, waren dan ook een grote pre. Het bleek dat ook zijn interesse op dit vlak was aangewakkerd.<span> </span>Dit verslag is dan ook een weergave van een persoonlijke als ook een familie zoektocht. Naast mijn jongste zoon is ook mijn dochter bezig met het verkennen van dit ‘nieuwe paradigma’, zij is net als ikzelf begonnen aan de opleiding klassieke homeopathie aan het Kent college. Tevens is mijn oudste zoon ook bezig met zich te verdiepen in de materie en geestelijke aspecten van het nieuwe paradigma.
Al met al heeft mijn jongste zoon mij veel geholpen met dit verslag. Hij heeft zijn deel geleverd in de zin van de wetenschapstheoretische aspecten, ik zelf kom vanuit het perspectief van de homeopathie en samen vinden we een gedeelde basis in de fenomenologie ofwel de fenomenologie als wetenschappelijk paradigma.
Dat er een nieuw paradigma aan het ontwikkelen is, is wat mij betreft helder. Echter het doel wat ik met dit verslag heb gesteld is om aanknopingspunten aan te reiken die er voor kunnen zorgen dat het ‘nieuwe paradigma’, en homeopathie in het bijzonder, meer fundering in onze maatschappij krijgt. Een van de belangrijkste gezaghebbers van onze maatschappij, is het instituut van ‘de wetenschap’.
Al met al zal dit essay er voornamelijk op gericht zijn wat de relatie tussen wetenschap en homeopathie is en kan worden. Het verslag is dan ook een opzet in een mogelijke manier om homeopathie te verwetenschappelijken, zoals elke opzet is zij verre van af.
Inleiding
We leven in een tijd waar veel in beweging is. De traditionele instituties zoals de kerk, het gezin, de gemeenschap, de gezondheidszorg en ook de wetenschap zijn allen aan het versplinteren en fragmenteren. Er is vaak geen sprake van eenheid in ogenschijnlijk homogene groepen. Binnen de sociale wetenschappen is het vaak lastig om te communiceren met andere sociale wetenschappen, laat staan met de meer natuurwetenschappelijke en of biologische wetenschappen. Houvast lijkt steeds verder te zoeken. Mensen grijpen naar alles om nog maar zin aan het bestaan te kunnen geven. Mensen vluchten in oppervlakkige zaken en zijn in het bijzonder gericht op de materiele zaken. Al is er wel wat aan het veranderen. We zijn cultureel zover doorgeslagen in het materialisme dat we het geestelijke kwijt zijn. Toch zoeken we naar iets anders, in het hevige drugs en alcohol gebruik, grote excessen, en andere verdovende middelen zoals het overmatig consumeren en dan met name wat de media ons voorschotelt. Binnen de filosofie vanaf Nietsche noemen ze dit fenomeen het ‘nihilisme’. Dit begrip draait in de kern om zinloosheid ofwel leegte.
Ons denken is, grotendeels onbewust, gericht op consumeren en produceren, ofwel het materialisme. Zo is ook onze gezondheidszorg gericht op materiele zaken. Ook zij word geleidt door materialistische of mechanische principes. Onze lichamelijke kwalen worden massaal onderdrukt. Zoals de homeopathie en de wetten van Hering ons leren, schieten onze kwalen dan naar andere gebieden, zoals het emotionele, mentale en spirituele. Het bestrijden van de fysieke symptomen zien we in veel gebieden van ons leven terug komen, zo ook bij de bestrijding van criminaliteit. Ook hier worden de principes van straffen toe gepast op ongewenst gedrag. Echter draagt dit wezenlijk bij aan de oplossing voor de problematiek waar wij voor staan? Of is het tijd om nieuwe kaders te ontwikkelen waarin terug kan worden gegaan naar de oorzaken van deze ‘lichamelijke’ en ‘culturele’ problemen?
Er zit veel potentie in de homeopathie, zij komt in de beste gevallen tot haar recht in het contact met haar patiënten. Echter er zit veel meer in de homeopathie dan de goede contacten die zij nu heeft. Deze contacten worden individueel bewerkstelligt door het krijgen van mond tot mond reclame. In die zin is de homeopathie succesvol. Echter als het om deze naamsbekendheid gaat heeft de homeopathie nog veel te leren, in de zin van het groeien aan populariteit. Hierbij is het belangrijk om dat goede contact met de cliënten te onderhouden, ondersteunen en te stimuleren vanuit de opleidingen om hier en daar uit te breiden. Echter wil de homeopathie serieuzer genomen worden in het grote maatschappelijke discours, zal zij zich anders moeten positioneren. Het similia similibus curantur-principe is hier een die de uitkomst kan bieden. Dit principe is niet alleen gebonden aan het genezen, immers zo lezen we in Ronald van Vierzen zijn boek, ‘De zonen van Hippokrates’, is de similia-wet een natuurkundig principe. Dit principe komt in andere termen en bewoordingen terug in de (spirituele) krijgskunst ‘Aikido’ Ook hier werken ze met deze natuurkundige wet door er vanuit te gaan, dat hetgene wat je tegenwerkt gebruikt kan worden als bondgenoot/kracht. Daarnaast wordt er binnen de Ericksonsiaanse hypnose ook met het principe gewerkt, namelijk dat de weerstanden van buitenaf te gebruiken zijn als krachten om het (hypnotische) proces te ondersteunen. Door de weerstanden van buitenaf te gebruiken kunnen mensen eerder en krachtiger bij hun menselijke potentieel komen. Het zal duidelijk zijn dat de voornaamste weerstanden of krachten velden van buiten de homeopathie uit de wetenschappelijke hoek afkomstig zijn, de medische in het bijzonder. De overheden worden momenteel ook als weestanden gezien, óók die kunnen gaande weg als krachtenvelden dienen. Wil de homeopathie uit haar kinderschoenen groeien zou het nuttig zijn om weerstanden van buitenaf mee te nemen om zo tot een integrale sterke (wetenschappelijk) gefundeerde praktijk te kunnen komen. Dan moeten we wel het beeld loslaten welke o.a. van Vierzen ons voorhoudt. Van Vierzen zegt "De wetenschap heeft zichzelf in het verleden de beperkingen van het materialistische denken opgelegd." Immers de wetenschap is geen monolitisch blok daarbij is het zo dat de huidige situatie van de wetenschap aan het veranderen is.
Vervolg in deel 2.